Ik heb een klacht

Ik heb een klacht. Overal waar ik kom in Amsterdam, gaat de brug open. Onzin zou je denken; je overdrijft, maar nee. Er zijn namelijk 1539 bruggen in Amsterdam. Waarvan 252 in het centrum. En ze gaan echt vaak open! Kortom, een gegronde klacht, al zeg ik het zelf. En ik heb nog eens extra pech.

Tussen mijn huis en de stad ligt namelijk de Kostverlorenvaart. Ga ik vanuit huis linksaf
richting stad, dan sta ik onherroepelijk stil bij de brug bij de Kinkerstraat. Ga ik rechtsaf,
dan moet ik steevast wachten bij de Overtoom. Menig appje heb ik al verstuurd vanaf deze locaties: “Grrrr, brug open, ben 5 min later.” De Rijn is qua scheepvaartdrukte niets
vergeleken bij de Kostverlorenvaart. Vrachtschip na vrachtschip komt voorbij, volgeladen met zand of auto’s. Geen idee wat we midden in de stad met zoveel zand en auto’s moeten, maar er zal vast een hoger doel achter zitten.

Het tafereel gaat vaak zo: ik kom aanfietsen en de alarmbellen beginnen te rinkelen. De
slagbomen blijven echter gewoon open. Provinciaal als ik ben, durf ik toch niet meer door te rijden. Hordes mensen hebben wél lef en lopen of fietsen stoïcijns door. Inmiddels dalen de slagbomen. Nóg steken mensen de brug over. Aan de overkant een gillend groepje pubermeisjes en aan mijn kant kruipt een junk onder de slagboom door en lacht me tandeloos toe: “Ken prima, schèt.”
Brug in Amsterdam
Ik posteer mezelf zo ongeveer met mijn neus tegen de slagboom. Wie het eerst komt, wie het eerst maalt. En nóg presteert een kerel het om zich even later met fiets en al tussen mij en de slagboom in te wurmen. Dames gaan in Amsterdam kennelijk niet meer voor. Intussen passeert het vrachtschip. Ludovica heet ze. Toeristen nemen foto’s van het schip; selfies met zichzelf vol in beeld. Zodra Ludovica voorbij is en de brug weer geopend, stuift de massa weg. Tringelende trams, fietsers, voetgangers, auto’s; alles kriskras door elkaar: de chaos is compleet. Survival of the fittest.

Laatst dacht ik slim te zijn toen ik zag dat de brug weer eens open ging. Ik had geen zin om lang stil te moeten staan. Nee, ik zou een lekker visje gaan halen bij de visboer naast de brug. Ik werd geholpen door de vrouw van de visboer, die me in elke zin aansprak met ‘dame’. Meneer de visboer besloot zelf ook klanten te gaan helpen en zei tegen de man achter me: “Jongeman, zeg het maar!”. De man keek rond en zei grappend: “U zult mij wel bedoelen?!”. Ik moest toch op de brug wachten dus ik mengde me ook maar in het gesprek: “Tsja, ík voel me niet aangesproken.”. We lachten allevier en grapten nog wat door. Al knipogend naar mij liep de jongeman na z’n aankoop weg, de lange wachtrij voor de open brug in.

Bij nader inzien hoeft wachten bij een brug niet per definitie vervelend te zijn. Je ziet nog
eens wat, dus eigenlijk mag ik blij zijn met die 1539 Amsterdamse bruggen. Ik trek mijn klacht maar weer in.

Bij de politie


Sinds kort zit ik bij de politie. Nou ja, niet echt natuurlijk. Nee. Ik zit bij de Facebookgroep Politie Amsterdam Overtoomsesluis. Vraag me niet hoe ik lid van deze groep ben geworden, ineens was ik het. En wat blijkt, het is een interessante groep.

Onder het kopje Informatie lees ik bijvoorbeeld letterlijk:

“Anno 2015 kunnen wij politie PolitieagentOvertoomse Sluis ons niet meer verschuilen voor de digitale platformen. Onze visie om ‘ online ‘ te zijn is, u snel en vaak met beelden / foto’s te informeren over wat wij allemaal doen in jouw buurt. Ons redactieteam, zijn gewoon collega’s die dag en nacht werken, gewoon, op straat in uw wijk. En soms ook, gewoon, vrij zijn! Immers zijn wij niks voor niks #ASD247. Met u mening en ons soms inventieve wijze zoeken wij samen naar de verbinding. Want samen zijn wij sterk. #OvertoomseSluisZoektVerbinding”

Potverdorie, per zin stijgt toch je sympathie voor de politie? Ik zie al voor me hoe een agent heeft zitten zwoegen op zo’n tekst. Omdat zijn/haar leidinggevende vond dat ‘we ons niet meer kunnen verschuilen voor digitale platformen.’ Tijdens het tekstueel ploeteren vergetend dat drie keer het woord ‘gewoon’ in een zin niet zo fraai is. Heel andere koek dan boeven vangen, maar de schrijvende agenten doen het met verve vind ik. Samen zijn zij sterk. Niet altijd even helder geschreven, maar met de beste wil van de wereld. Én met veel hashtags.

Ik lees vervolgens een bericht over een ongeluk in de Kinkerstraat:

“Een groep Franse mannen (toeristen), had hier in het mooie Amsterdam fietsen gehuurd. De Fransen waren fietsend een vrijgezellen feest aan het vieren.” Een van de feestvierders had volgens de politie de gladheid van de trambaan onderschat en was onderuit gegaan. “De Franse mannen alsmede de aanstaande bruidegom waren erg behulpzaam. Ook bekommerden zij zich over hun vriend door bij hem te blijven terwijl Ambulancedienst van Amsterdam eo met hun vriend bezig was.”

Wat een heerlijke, droge beschouwing. Het lijkt me niet meer dan logisch dat je je om je vriend bekommert en bij hem blijft als die gewond geraakt is. Zélfs de aanstaande bruidegom heeft volgens de politie geholpen! Nou, het moet niet gekker worden.

Maar dan komt het.

“Terwijl we druk bezig waren met de hulpverlening aan het ongelukkige slachtoffer, heeft een of andere onverlaat de fiets van het slachtoffer gestolen. De Franse toeristen baalden enorm en hebben helaas geen mooie ervaring nu aan Amsterdam. Namens ons dank hiervoor! ‪#‎waargaathetheen‬.”

Ik schiet in de lach vanwege de woordkeuze: ‘een of andere onverlaat’. Pietje Bell verschijnt op mijn netvlies. En vooral ‘namens ons dank hiervoor!’. Tussen de regels door lees je de irritatie. Het zit de schrijvende agent echt dwars. Wel weer een mooie #hashtag overigens.

Ongeluk

Maar gelukkig zijn er ook zaken die vrolijker eindigen. Onlangs zagen twee dienders op het Mercatorplein een puppy uit de tram stappen. Ze hebben hem gevangen en meegenomen naar het bureau. “Al snel meldde zijn baasje zich. De pup, Kees genaamd, was alleen op avontuur gegaan. De pup en zijn baasje zijn weer herenigd! Kees heeft natuurlijk een “112 Ik speur mee” halsband gekregen! Kees closed!”

Kees closed. Dan ben je een agent met humor hoor. Een baas.

Ik speur nog wat verder en kom een bericht tegen over het verwijderen van fietswrakken:

“Heeft u een fiets die u nooit meer gebruikt? Bedenk dan wat u er mee wil. Misschien is het tijd dat u afscheid van hem neemt? #opgeruimdstaatnetjes.” Benieuwd hoeveel mensen deze raad ter harte nemen, maar een sympathiek advies is het wel, afscheid nemen van je fiets.

Vaak klinkt de roep om meer blauw op straat. Ik roep in ieder geval om meer blauw op Facebook. Ik weet niet of de wereld er echt veiliger van wordt, maar in ieder geval wél grappiger. #ikbenfan

NB: Ja, er staan wat taalfouten in deze column. Ik heb bepaalde stukken tekst letterlijk van de Facebookpagina van de politie geciteerd. Inclusief taalfouten 😉