Oorlog op het werk

Op het werk praten we vaak over oorlog. Om precies te zijn elke dag om kwart voor 4. Niet omdat ik 80-plussers als collega heb, of omdat er oorlogsvluchtelingen bij ons werken.

Nee, niets van dat alles. Het heeft te maken met Robert. Deze zeergewaardeerde collega is gefascineerd door de Tweede Wereldoorlog.

Het begon onschuldig. Robert strooide met wat weetjes over de oorlog en stelde links en rechts een vraag om te kijken hoeveel wij er eigenlijk over wisten. Conclusie: bedroevend weinig. Dus wat doe je dan als je je kennis wilt etaleren en het niveau van je collega’s wat wilt verhogen? Dan ga je college geven. Elke middag om kwart voor 4, om er een beetje ritme en structuur in te houden.

Zo gezegd, zo gedaan. Sindskort geeft Robert zijn twee naaste collega’s Joshua en Eva college over de oorlog. Elke dag een ander onderwerp, zorgvuldig voorbereid. Aangezien we allemaal vrij dicht bij elkaar zitten, mogen de overige collega’s, waaronder ondergetekende, ook meegenieten van de colleges. Zo weet ik nu bijvoorbeeld dat we de kinderbijslag aan de Duitsers te danken hebben. Ja, je moet er maar op komen.

Maar wat heb je aan colleges als de stof niet ook getoetst wordt? Robert kondigt dus een heus tentamen aan. Joshua en Eva hebben ijverig aantekeningen gemaakt, dus op zich zou het tentamen een fluitje van een cent moeten zijn.

Tentamen door meester RobertVrijdagmiddag kwart voor 4 is het zover. Eerder die dag heeft Robert de tentamens bij mij in bewaring gegeven. Hij was bang dat terwijl hij naar toilet ging, de tentamens gestolen zouden worden. Meester Robert kent zijn pappenheimers. Ik bewaar de tentamens natuurlijk met alle liefde. Vooral omdat ik dan even de gelegenheid heb de tentamenvragen te bekijken. Ik wil wel eens weten wat voor kennis mijn collega gaat toetsen. Oei, ik ben eigenlijk wel blij dat ík geen tentamen hoef te maken:
– In Zeeland werd na de bevrijding doorgevochten. Waarom?
– Hoeveel concentratiekampen waren er in Nederland?
– Leg uit wat er apart was aan de staf van Kamp Westerbork*

De grote vergadertafel wordt ingericht met een kartonnen doos als tussenschot. De studenten zouden anders maar bij elkaar afkijken en dat is niet de bedoeling. Robert neemt plaats aan het hoofd van de tafel en houdt de wacht als een heuse examinator, terwijl Joshua en Eva zwoegen. Er zijn ook bonuspunten te verdienen. Met als resultaat dat Joshua een 10,3 scoort en Eva een 9,8. Op een schaal van 1 tot 10. De wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Na het succesvolle tentamen zijn de colleges over de oorlog voorbij. Maar niet getreurd, we zijn nog niet uitgeleerd. Joshua heeft besloten college te gaan geven over speciaalbier. Het is duidelijk, ik zit in een baan waarin ik nog veel kan leren. Over bijvoorbeeld oorlog en speciaalbier.

* PS: de antwoorden:

1. In Zeeland werd doorgevochten omdat daar Franse soldaten gelegerd zaten, die niet onder de nederlandse strijdkrachten vielen.
2. 19 concentratiekampen.
3. Er zaten vooral Joden in de staf van Westerbork.